Hull St. Annaland Augustus 2007 Het verslag van een stalen zeiljachtje wat onderhanden wordt genomen door een Watersport Novice Van Hull naar St. Annaland, Augustus 2007. Eind augustus kreeg ik een telefoontje van Sander of ik bereid was om op heel korte termijn een boot van Hull naar St. Annaland over te brengen. De boot, een Bavaria 46, had lichte averij opgelopen in een storm en moest zo snel mogelijk terug naar Nederland voor reparatie. Uiteraard, ik stond al klaar voor vertrek. De boot was nog compleet ingericht i.v.m. de verhuur. Spulletjes gepakt en meteen klaar voor vertrek. Sander zou voor een zeilpak zorgen. Dinsdag 28 augustus 2007. Mijn vrouw is samen met mij ‘s middags naar Zeeland gereden om Sander op te pikken en zijn we gezamenlijk door gereden naar Rotterdam. Sander en ik hebben ons ingecheckt op de Pride of Hull. De bagage in de hut gezet op dek 9 en meteen doorgelopen naar het Zonnedek om mijn vrouw uit te zwaaien en de afvaart mee te maken. De boot vertrok een kleine 20 minuten te laat, 21:20 uur, om precies te zijn.  Nog geruime tijd op het dek gebleven. ‘t Was een prachtige heldere avond. Nog wat gedronken om daarna van een prima nachtrust te gaan genieten. Woensdag 29 augustus 2007 ‘s Morgens om 06:00 uur Engelse tijd, 07:00 uur Nederlandse tijd opgestaan. Vlug even scheren en douchen, daarna ontbijt in de eetzaal. Ondanks dat we iets later vertrokken waren vanuit Rotterdam kwamen we ruim een uur te vroeg aan in Hull. Met het aanmeren de hele tijd op het zonnedek gestaan om alle activiteiten gade te kunnen slaan. Na de boot te hebben verlaten hebben we een taxi genomen die ons naar de jachthaven heeft gebracht. We moesten uiterlijk 10:15 uur lokale tijd de sluis door anders konden we i.v.m. het lage water de haven niet meer verlaten. Echter, het havenkantoor was om 09:00 uur nog gesloten en in geen velden of wegen iemand te bekennen. Na een telefoontje van een behulpzame watersporter werd het kantoor voor ons geopend en konden we de formaliteiten voor vertrek afhandelen. De boot doorgelopen of de gerapporteerde schade binnen de perken was en of verder alles nog aan boord was. Om 09:45 uur gingen we al boven verwachting snel de sluis door om zo de snel stromende Humber op te draaien. Hoezo een stromende rivier. Alle mensen wat een snelheid, dat ging hard.   Behoorlijk wat verkeer, zowel stoomopwaarts als stroomafwaarts. Door de stroomsnelheid van de rivier zelf waren de onderlinge snelheids-verschillen erg groot tussen het stroomopwaarts varende en stroomafwaarts varende verkeer. Na het verlaten van de Humber de Noordzee op. Eerst een heel stuk parallel  met de Engelse kust gevaren langs Norfolk en Suffolk. Met het verlaten van de Engelse kust de vlag van het gastenland gestreken. ‘t Was mooi rustig weer met een rustige zeegang. Er stond een zwakke wind. Altijd was er wel scheepvaart verkeer om je heen. Niet één keer een moment gehad met niets dan alleen water te zien, altijd was er wel enige vorm van horizonvervuiling te bespeuren. Wat heel lastig was, we hadden geen verrekijker bij ons. Voor de rest was de boot goed uitgerust. De gehele dag en nacht op de motor gevaren, soms heel even motorzeilend. Kon ook niet anders omdat er vrijwel geen wind stond en de boot moest zo spoedig mogelijk terug naar Nederland voor reparatie i.v.m. de volgende verhuur periode. Gedurende de nacht continue op de uitkijk gestaan, de boot sturend op de automaat. Weinig tot niet kunnen slapen. Dit vond ik niet erg voor één nachtje. Dit was genieten. We hadden niet echt een wachtrooster ingesteld. Eigenlijk was er helemaal geen rooster. Mocht ik twijfelen dan kon ik uiteraard altijd de slapende schipper roepen en hem om raad vragen. Ik heb de schipper twee keer wakker gemaakt. Één keer omdat ik twijfelde betreffende de voorrangsregel beroepsvaart, pleziervaart en één keer vanwege de zichtbare navigatieverlichting. De nacht is verder heel rustig verlopen. Donderdag 30 augustus 2007. Vlak na zonsopkomst zagen we om 06:00 uur  de boei waar wij haaks het vaarwater over wilden steken. Gezien de voorspoedige reis besloten we om toch het zeil te hijsen aangezien de wind een ietsje was toegenomen. De snelheid zakte beduidend terug en na een klein uurtje toch maar weer verder gedieseld. Rond 10:30 uur Nederlandse tijd kwamen we bij de eerste boeien voor onze eigen kust en om 11:45 uur zaten we al onder Walcheren om aldaar de vaargeul op te pakken. Aangezien er nooit enige vorm van logboek werd bijgehouden bij eerdere tochten heb ik de gewoonte om mijn eigen aantekeningen te maken daar ik het jammer vond dat er zoveel details later verloren gingen en alleen de algemene herinneringen bleven hangen. De vaargeul volgende kwamen we vlak onder Vlissingen langs. Waarom weet ik niet maar Sander gaf te kennen dat hij de voorkeur gaf om via Vlissingen “Het kanaal van Walcheren” af te varen om bij Veerse door de sluis het Veerse meer over te steken richting Bruinisse. Ik vond het allemaal prima. Kon ik ook weer van leren. Na de passage van de sluizen bij Bruinisse was het nog een klein stukje varen over de Oosterschelde naar St. Annaland. Na enig oponthoud zijn we door de sluis van Vlissingen gegaan om “Het kanaal van Walcheren” af te varen. Dit kanaal door Walcheren is een waterwegverbinding tussen de Westerschelde bij Vlissingen en het Veerse Meer bij Veere.  De aanleg vond plaats tussen 1870 en 1873. De passage bij Middelburg ging zonder enig oponthoud om daarna bij de sluis naar het Veerse Meer heel even te moeten wachten. We besloten om in Kortgene te tanken. Om 17:45 waren we hier al. Na de passage van de sluis te Bruinisse, de Oosterschelde op. Daarna was het nog maar een klein stukje varen naar St. Annaland. Mijn vrouw heeft mij daar weer opgepikt en zijn we samen weer naar Friesland gereden. MIJN EERSTE ECHTE OVERSTEEK!! Schitterende internationale ervaring opgedaan.